Deel 1: Omgang – en gedragsprotocol

Deel 1: Omgang- en gedragsprotocol obs De Dalk
Algemeen gedeelte

Inleiding

Voor u ligt het omgangsprotocol van onze school. Hierin staat hoe we vinden dat we met elkaar om moeten gaan. De Dalk is een school waar leerkrachten, leerlingen en de ouders van de leerlingen zich geborgen en veilig willen voelen. Gepast wederzijds respect draagt bij aan een onderlinge communicatie, waarbij sprake is van de grootst mogelijke openheid. Een omgangsprotocol zorgt voor het inkaderen van de heersende normen en waarden en zorgt voor duidelijke regelgeving, waaraan iedereen zich dient te houden. De wijze waarop leerkrachten met leerlingen omgaan, hoe leerlingen onderling met elkaar omgaan, de omgang tussen leerkrachten onderling en het omgaan van leerkrachten met ouders bepaalt mede de cultuur en sfeer op school.

Het pedagogisch klimaat krijgt bij ons op school pas echt vorm als er duidelijke afspraken worden gemaakt, die een bijdrage leveren aan een prettige sfeer. Deze afspraken worden weergegeven in de vorm van een omgangs- en gedragsprotocol dat van toepassing is op onze school en ertoe bijdraagt dat we op De Dalk de opvang en de begeleiding van de leerlingen als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de ouders en de leerkrachten zien. Het is daarom noodzakelijk om zorg te dragen voor een goede onderlinge communicatie.

 

Omgangs- en gedrags protocol

Het doel van ons protocol is om pestgedrag en ander ongewenst gedrag te voorkomen en duidelijk te maken dat dit gedrag op onze school niet wordt geaccepteerd. Pesten is een systematische vorm van agressie (verbaal of fysiek), gericht op het toebrengen van schade (psychisch of fysiek) op één of meerdere anderen. Ander ongewenst gedrag kan systematisch of incidenteel zijn en heeft betrekking op één of meer van de volgende vlakken:

. Verbaal: schreeuwen, vloeken, schelden, vernederen, roddelen, etc.

. Fysiek: schoppen, slaan, spugen, knijpen, vechten, etc.

. Materieel: toebrengen van schade aan andermans spullen of school, stelen, verstoppen van spullen, etc.

 

Het protocol ligt op school ter inzage (in de klassenmap en bij de directie) en wordt bij de start van ieder schooljaar per groep aan de orde gesteld. In iedere groep wordt een contract opgesteld dat alle kinderen en de leerkracht(en) ondertekenen. Dit contract wordt uitvoerig besproken. Deze regels of afspraken zijn bekend bij alle leerkrachten, leerlingen en ouders. Zo blijft de doorgaande lijn gewaarborgd.

 

De Kanjertraining

De Kanjertraining wordt als uitgangspunt voor dit protocol genomen. Deze training heeft tot doel sociaal vaardig gedrag te stimuleren en sociale problemen zoals pesten, conflicten, uitsluiting, sociaal teruggetrokken gedrag en ander ongewenst gedrag te voorkomen of te verminderen en het welbevinden te vergroten bij kinderen en jongeren.

Onderwerpen als veiligheid, omgaan met elkaar, omgaan met verschillen, rollen in een groep, aanpak van ruzies, enz. komen regelmatig in de Kanjerkring aan de orde. Er wordt gebruik gemaakt van verschillende (samen)werkvormen zoals kringgesprekken, het voorlezen of vertellen van verhalen, rollenspelen, vertrouwens oefeningen en dergelijke. De manier van elkaar aanspreken passend bij de Kanjertraining, “de Kanjertaal”, wordt in de hele school gebruikt.

Conflicten horen erbij en geven je de mogelijkheid om je verder te ontwikkelen. Dit betekent dat wij kinderen de kans geven zelf hun conflicten op te lossen. De leerkracht neemt een neutrale, (bege)leidende positie in. De oplossing van een conflict moet in redelijke mate tegemoet komen aan de wensen van alle betrokkenen.

Uitgebreide informatie kunt u vinden www.kanjertraining.nl

 

Uitgangspunten Omgangs- en gedrags protocol

1.Een belangrijke stelregel is dat het inschakelen van de leerkracht niet wordt opgevat als klikken. Vanaf de kleutergroepen brengen we de kinderen dit al bij: “Je mag niet klikken… maar als je wordt gepest of als je ruzie hebt met een ander en je komt er niet zelf uit, dan mag je hulp aan de leerkracht vragen.” Dit wordt niet gezien als klikken.
2.Tweede stelregel is dat een medeleerling ook verantwoordelijkheid heeft om pesten of ongewenst gedrag (bij de leerkracht) aan te kaarten. Alle leerlingen zijn immers verantwoordelijk voor een goede sfeer in de groep.
3. Derde stelregel is samenwerken. School en gezin halen voordeel uit een goede samenwerking en communicatie. Hierbij hebben ouders/verzorgers van de leerling die pest- of ongewenst gedrag ervaart de verantwoordelijkheid dit te melden bij de leerkracht. De ouders/verzorgers van de leerling die dit gedrag vertoont, hebben de verantwoordelijkheid om actief mee te helpen aan een oplossing. Dit neemt niet weg dat iedere partij moet waken over haar eigen grenzen. Het is bijvoorbeeld niet de bedoeling dat ouders naar school komen om eigenhandig een probleem voor hun kind op te komen lossen! Bij problemen van pesten, agressie of ander ongewenst gedrag zullen de leerkrachten en directie hun verantwoordelijkheid nemen en overleg voeren met de ouders. De inbreng van de ouders blijft bij voorkeur beperkt tot het aanreiken van informatie, tot het geven van suggesties en tot het ondersteunen van de aanpak van de school.